Wijzigingsvoorstel IMGeo 2.2

Geonovum Informatiemodel
Versie ter vaststelling

This version:
https://docs.geostandaarden.nl/bgt/vv-im-IMGeo22-20190201/
Latest published version:
https://docs.geostandaarden.nl/bgt/vv-im-IMGeo2018-20181010/
Editors:
Arnoud de Boer, Geonovum,
Hans van Eekelen, Geonovum,
Silvy Horbach, SVB-BGT,
Participate:
GitHub Geonovm/IMGeo
File a bug
Commit history
Pull requests
Rechtenbeleid:

Abstract

Het wijzigingsvoorstel bevat het wensbeeld voor (de optimalisatie van) IMGeo. Dit leidt uiteindelijk tot een IMGeo 2.2.

Dit voorstel is het resultaat van twee formele consultatierondes rond de zomer van 2018 en wordt gebruikt om de haalbaarheid van de voorstellen te bepalen in de eerste helft van 2019.

Status of This Document

Dit is een definitief concept van de nieuwe versie van het informatiemodel. Wijzigingen naar aanleiding van consultaties zijn doorgevoerd.

1. Samenvatting

1.1 Doel en resultaat

IMGeo 2.2 is een nieuwe geoptimaliseerde versie van het informatiemodel Geografie (IMGeo) door

Het resultaat van IMGeo 2.2 is een goed bruikbare registratie met grootschalige topografie voor Nederland en daarvoor moet de BGT|IMGeo+ uniform zijn en passen bij de behoeften van gebruikers. Met IMGeo 2.2 wordt/worden

1.2 Inhoud

In het wijzigingsvoorstel IMGeo 2.2 worden voorstellen gedaan die betrekking hebben op:

1.3 Impact

De impact van IMGeo 2.2 voor de verschillende categorieën wijzigingen is als volgt:

Categorie 1 heeft geen impact. Bronhouder dient al conform deze spelregels te werken.

Categorie 2 heeft als impact een inwinlast voor bronhouders. Verwacht is dat bronhouders opnieuw moeten inwinnen en/of de huidige populatie van objecten moeten nalopen.

Categorie 3 en 4 hebben een beperkte technische IT-impact bestaande uit

Aanpassen van de BGT-software om

Repareren van data om:

De voorstellen voor IMGeo 2.2 passen binnen de huidige structuur van IMGeo: er is geen nieuw berichtschema nodig, de impact blijft naar inschatting beperkt tot nieuwe domeinwaardenlijsten en aanpassing van enige topologische business rules.

1.4 Overzichtstabel IMGeo 2.2

De objectenstructuur in IMGeo 2.2 is als volgt:

Onderstaande tabel toont een overzicht van de objecttypen, attributen en domeinwaarden van IMGeo 2.2, na overnemen voorstellen in dit wijzigingsvoorstel.

2. Verduidelijken bestaande spelregels en opnemen werkafspraken in het model

De volgende voorstellen betreffen het verduidelijken van het model met aanvullende tekst en voorbeelden, en het opnemen van bestaande werkafspraken en praktijk in het model.

Onderwerp Samenvatting Github-issue(s)
Opnemen van objecten buiten Nederland Ten aanzien van de dekking van de BGT wordt toegelicht dat de BGT tenminste landsdekkend binnen de landsgrens beheerd moet worden, maar dat bronhouders objecten die deels buiten de landgrens in zijn geheel mogen opnemen in de BGT. Objecten, die geheel buiten Nederland liggen én in beheer zijn bij bronhouder, kunnen worden opgenomen in IMGeo #9
Plaatsing en draaiing van nummeraanduidingen Ten aanzien van teksten op de kaart wordt toegelicht dat elke nummeraanduidingreeks eenmaal op de kaart geplaatst wordt, en dat een nummeraanduiding haaks of evenwijdig aan de voorgevel wordt gevisualiseerd met de minimale rotatiehoek ten opzicht van de normale leesrichting (horizontaal). #3
Rotatiehoek labels De eisen en regels van o.a. eenheid, decimale precisie, oriëntering voor rotatiehoek in de werkafspraak Nummeraanduidingreeksen worden opgenomen in de regels van attribuutsoort hoek #3
Patroon reeksen van nummeraanduidingen Het patroon voor het samenstellen van reeksen van nummeraanduidingen in de werkafspraak Nummeraanduidingreeksen wordt opgenomen in de regels over teksten op de kaart #3
Regels voor panden boven water In de afbakeningsregels voor panden wordt toegelicht hoe panden die (deels) boven water liggen worden afgebakend. #61
Afbakening van gemaal, sluis en stuw De afbakeningsregels voor gemaal, sluis en stuw worden verduidelijkt met extra toelichting en regels. #37#72 
Onderscheid muur, keermuur, kademuur, strekdam en damwand Het onderscheid tussen muur, keermuur, kademuur, strekdam en damwand wordt verduidelijkt met een beslisboom. #14#30, #69
Onderscheid viaduct en tunneldeel Het onderscheid tussen viaduct en tunneldeel wordt nader toegelicht, namelijk een viaduct bestaat uit los dek rustend op bak en/of pijlers en tunneldeel is overwegend gesloten kokerconstructie met in- en uitgang. #12
Onderscheid duiker en brug Het onderscheid tussen duiker en brug wordt verduidelijkt in de definitie van duiker. #176
Relatieve hoogte van tunneldeel en duiker In de regels voor relatieve hoogte voor tunneldeel en duiker wordt toegevoegd dat deze objecten altijd op een relatieve hoogte lager dan 0 hebben. #62
Definities rijbanen en fietspad De definities van rijbanen en fietspad worden uitgebreid met de verkeerskundige aanduidingen (verkeersborden en symbolen) en fysieke kenmerken (scheiding en kleur asfalt). Fietssuggestiestroken worden uitgesloten. #11  
Definitie bunker De definitie van ‘bunker’ wordt aangepast naar ‘van oorsprong’ militair verdedingswerk. #183
Definitie Put De definitie van subclassificaties van Put worden aangepast naar ‘deksel van een put’ in plaats van de gehele put betreffend. #92
Samenvallen coördinaten kruinlijn en objectbegrenzing Het samenvallen van coördinaten van kruinlijn en objectbegrenzing wordt nader toegelicht dat coördinaten identiek moeten zijn. #36#175
Samenvallen functionele gebieden en objectgrenzen In de afbakeningsregels wordt toegelicht dat de grens van een functioneel gebied niet persé samenvalt met de grens van de objecten die geclusterd worden. #119
Geen plaatsbepalingspunten bij planinformatie, OngeclassificeerdObject, functionele gebieden, labels en registratieve gebieden Voor planinformatie, ongeclassificeerde objecten. functionele en registratieve gebieden en labels wordt toegelicht dat deze objecten geen (eigen) plaatsbepalingspunten. #79, #120, #134
Nederlandse tijdzone met zomer/wintertijd De tekst over Nederlandse tijd en tijdzone wordt nader toegelicht met toepassing van de tijdzones voor zomer- en wintertijd. #13
Interne vs. relatieve precisie In de BGT catalogus in paragraaf 4.2 wordt de term ‘interne precisie’ geschrapt. #142

2.1 Regels voor opname van objecten buiten Nederland

Aan de tekst in paragraaf 2.4 Dekking van de BGT catalogus:

“De BGT wordt landsdekkend beheerd voor het grondgebied van Nederland binnen de gemeentegrenzen.”

wordt toegevoegd:

“Ten behoeve van beheer door bronhouders kunnen objecten die deels buiten de landsgrens liggen in hun geheel worden opgenomen in de BGT. Wanneer daarbuiten meer informatie benodigd is, het gehele object ligt dus buiten Nederland, wordt deze informatie niet als BGT inhoud beschouwd, maar kunnen wel in IMGeo worden opgenomen.”

In de tekst in paragraaf 1.4 van de IMGeo catalogus wordt opgenomen:

“Objecten, die geheel buiten Nederland liggen én in beheer zijn bij bronhouder, kunnen worden opgenomen in IMGeo.”

Met deze verduidelijking hoeven bronhouders niet actief op de landgrens, en worden objecten die geheel buiten Nederland liggen (‘eilandjes’) uitgesloten in de dekking van de BGT. Dit is vergelijkbaar met het principe van bronhoudergrenzen: bronhouders knippen niet actief op de gemeentegrens, maar op de grens waar objectkenmerken veranderen. Vanuit beheer is er behoefte aan informatie over objecten die geheel buiten Nederland liggen, denk aan puntobjecten in vlakobjecten die over de grens heen gaan. Om die reden worden objecten die geheel buiten Nederland en in beheer zijn bij bronhouder tot IMGeo-inhoud gerekend.

In hoofdstuk 5 van de BGT catalogus worden de volgende eisen en regels (vetgedrukt) nader toegelicht:

2.2 Plaatsing en draaiing van nummeraanduidingen

In hoofdstuk 5 van de BGT catalogus worden de volgende eisen en regels (vetgedrukt) nader toegelicht: 

“De visualisatie van een nummeraanduidingreeks vindt plaats door de coördinaten van het midden (centrum) van de tekst vast te leggen, alsmede de rotatie van de tekst ten opzichte van de normale tekstrichting. De normale tekstrichting is van links naar rechts oftewel, in een kaartbeeld met de noordrichting aan de bovenzijde, van west naar oost. Voor huisnummers dient de rotatiehoek te worden vastgelegd, zodat het nummer haaks of eenwijdig aan de voorgevel mee kan worden gevisualiseerd, waarbij de kleinste rotatie wordt gekozen ten opzichte van de normale tekstrichting. Het coördinatenpunt van de nummeraanduidingreeks wordt zo mogelijk circa 4 meter vanaf de voorgevel (‘straatzijde’) binnen het pand geplaatst. Elke nummeraanduidingreeks van een Pand wordt eenmaal afgebeeld.”

2.3 Rotatiehoek labels

De eisen en regels voor rotatiehoek in de werkafspraak Nummeraanduidingreeksen worden opgenomen in de regels van attribuutsoort hoek in H9 van de BGT catalogus:

Voor de rotatiehoek van een label van een BGT|IMGeo object gelden de volgende eigenschappen en eisen:

Eenheid : booggraad; één booggraad is een 360ste deel van een cirkelomtrek

Oriëntering : met de klok mee (positief) t.o.v. normale tekstrichting (horizontaal = 0 graden; voor een kaart die noord georiënteerd is.)

Decimale precisie : 1 (= 1 cijfer achter de komma, ofwel 1/10 booggraad)

Bereik (min/max) : [-90, +90], waarbij [270,360] niet gelijk is aan [-90,0].

In de praktijk zullen huisnummers dus een draaiing hebben tussen -45 en +45 graden, als deze met minimale rotatie ten opzichte van de normale leesrichting worden geplaatst. Technisch wordt nu afgedwongen door dat de waarde van de rotatiehoek van een label tussen -90 en + 90 ligt. Deze eis is als (technische) regel opgenomen bij het attribuut ‘rotatiehoek’ in hoofdstuk 8. Immers deze regels voor rotatiehoek gelden ook voor openbare ruimte labels.

2.4 Patroon reeksen van nummeraanduidingen

De eisen en regels voor rotatiehoek in de werkafspraak Nummeraanduidingreeksen worden opgenomen in de tekst van paragraaf 5.2 van de BGT catalogus:

Voor de opmaak van een nummeraanduidingreeks dient zo veel mogelijk onderstaand patroon toegepast te worden.

{huisnummer}{huisletter}/{huisnummertoevoeging}-{huisnummer}{huisletter}/{huisnummertoevoeging}

waarin

{huisnummer} een nummer van 1 tot 99999 (regex {0-9}[1-5]) {huisletter} een hoofdletter of kleine letter (regex {a-zA-Z}[0-1]) {huisnummertoevoeging} 0 tot 4 alfanumeriek karakter (regex {0-9a-zA-Z}[0-4])

en verder

Geen scheidingsteken tussen huisnummer en huisletter, dus geen koppelteken (-) en geen spatie.

Scheidingsteken tussen huisnummer+huisletter en huisnummertoevoeging is een forward slash (/).

Nummeraanduidingen (=combinatie van huisnummer, huisletter en/of huisnummertoevoeging) worden gescheiden door een koppelteken (-).

Dus bijvoorbeeld: 33, 33A, 33/1, 33-37, 33A-33F, 33/1-33/20, 33A/1–33A/20, 33A/1A-33A/3F.

2.5 Regels voor panden boven water

Aan de tekst in paragraaf 10.7 Pand van de BGT catalogus wordt de volgende tekst toegevoegd:

“Voor panden die in hun geheel boven water liggen, bijvoorbeeld een brugwachtershuis dat aan een brug hangt, geldt dat dit pand in de BGT voorkomt met een relatieve hoogte (rh) van één hoger dan het water waar het zich boven bevindt.”

2.6 Afbakening van gemaal, sluis en stuw

De tekst in paragraaf 10.11.2.2 Gemaal, sluis, stuw van de BGT catalogus:

“Tot deze typen kunstwerkdelen behoren die objecten die niet tot een ander BGT-objecttype behoren. Dit betekent in de regel dat bij een gemaal de bakken waar het water door wordt geleid tot dat object behoren. Een pand waarin de pompen staan, vormt als pand inhoud van de BGT.

Bij een sluiscomplex behoren alleen de sluisdeuren tot BGT-inhoud en bij een stuw uitsluitend de klep of schuif.
Sluisdeuren worden in gesloten stand in het BGT-bestand opgenomen.”

wordt vervangen door:

“Bij een gemaal worden de eventueel aanwezige bakken waar het water door wordt geleid als gemaal opgenomen in de BGT. 

De eventuele overige objecten zoals muren, kademuren, panden en overbruggingen vormen als zodanig inhoud van de BGT. Over al deze relevante BGT-objecten is het mogelijk om het, niet verplichte, IMGeo functioneel gebied gemaalcomplex op te nemen.
Nadere typeringen van gemaal wordt beschouwd als beheerinformatie en niet opgenomen in de BGT.

Bij een sluis behoren alleen de sluisdeuren, in gesloten stand, tot BGT-inhoud.

De eventuele overige objecten zoals muren, kademuren, panden en overbruggingen vormen als zodanig inhoud van de BGT. Over al deze relevante BGT-objecten is het mogelijk om het, niet verplichte, IMGeo functioneel gebied sluiscomplex op te nemen.
Nadere typeringen van sluis wordt beschouwd als beheerinformatie en niet opgenomen in de BGT.

Bij een stuw behoort de klep of schuif waarover het water kan stromen tot BGT-inhoud, alsook de eventueel aanwezige bakken waar het water door wordt geleid. Eventuele overige objecten zoals muren, kademuren, panden en overbruggingen vormen als zodanig inhoud van de BGT. Over al deze relevante BGT-objecten is het mogelijk om het, niet verplichte, IMGeo functioneel gebied stuwcomplex op te nemen.
Nadere typeringen van stuw wordt beschouwd als beheerinformatie en niet opgenomen in de BGT.”

2.7 Onderscheid muur, keermuur, kademuur, strekdam en damwand:

Het onderscheid tussen muur, keermuur, kademuur, strekdam en damwand wordt in paragraaf 10.12 van de BGT catalogus verduidelijkt met de volgende beslisboom.

2.8 Onderscheid viaduct en tunnel

In de tekst van paragraaf 10.9 Overbruggingsdeel van de BGT catalogus wordt toegevoegd

Er is sprake van een overbrugging wanneer een van de onderdelen bestaat uit een los dek dat op een bak en/of pijlers rust.

Dit in tegenstelling tot een tunnel, die uit een overwegend gesloten kokerconstructie met een in- en uitgang bestaat.”

en een extra paragraaf in hoofdstuk 10 van de BGT catalogus wordt opgenomen voor opnameregels van Tunneldeel:

Er is sprake van een tunnel wanneer deze bestaat uit een overwegend gesloten kokerconstructie met een in- en een uitgang.

Bij overbruggingsdelen zoals bijvoorbeeld een viaduct is er altijd sprake van een los dek dat op een bak en/of pijlers rust.”

2.9 Onderscheid duiker en brug

De definitie van duiker wordt verduidelijkt tot:

duiker: Kunstwerk voor de waterhuishouding, bestaande uit een gesloten kokervormige constructie met een in- en uitstroomopening, aangebracht onder een weg of spoorweg of in een dam of ander terreindeel. (bron: CROW) 

2.10 Relatieve hoogte van tunneldeel en duiker

In de regels voor relatieve hoogte voor tunneldeel in de BGT catalogus wordt de zinsnede toegevoegd:

“Tunneldelen hebben altijd een relatieve hoogte lager dan 0.”

en in de regels voor relatieve hoogte voor duiker in de IMGeo catalogus:

“Duikers hebben altijd een relatieve hoogte lager dan 0.”

In het objectenhandboek wordt bij tunneldeel en duiker toegelicht dat deze altijd onder maaiveld liggen en dus een relatieve hoogte kleiner dan 0 hebben. In de huidige catalogus is dit nergens expliciet vastgelegd.

2.11 Definities rijbanen en fietspad

De volgende definities van subclassificaties van een Wegdeel worden aangevuld met de volgende verduidelijking (vetgedrukt):

rijbaan autosnelweg: Wegdeel dat onderdeel is van een weg uitsluitend bestemd voor snelverkeer en met gescheiden rijbanen en ongelijkvloerse kruisingen. Het wegdeel maakt onderdeel uit van een weg, welke veelal is aangeduid met het betreffende verkeersbord G01. (bron: BGT)

rijbaan autoweg: Wegdeel dat onderdeel is van een weg uitsluitend bestemd voor snelverkeer. Het wegdeel maakt onderdeel uit van een weg, welke veelal is aangeduid met het betreffende verkeersbord G03. (bron: BGT)

rijbaan regionale weg: Wegdeel dat onderdeel is van een weg die een verbinding vormt tussen bewoonde oorden of tussen wijken binnen een dorp of stad waarbij er een, meestal fysieke, scheiding is tussen langzaam verkeer en snelverkeer. (bron: BGT+CROW)

fietspad: Wegdeel dat uitsluitend bestemd is voor fietsers en/of bromfietsers. Het Wegdeel maakt onderdeel uit van een weg welke veelal is aangeduid met een blauw bord met daarop een wit rijwiel (bord G11 of G12a), een blauw of zwart bord met daarop de tekst “FIETSPAD” of “RIJWIELPAD” (bord G13), of een wit rijwielsymbool op een strook oranjekleurige verharding. (bron: CROW)

In Hoofdstuk 10 van de afbakeningsregels voor wegdelen wordt bij Regels voor opname toegevoegd:

In de BGT worden fietssuggestiesstroken niet als fietspad opgenomen.

Met deze wijziging sluiten de definities voor rijbaan in de BGT beter aan op definities de verkeerskundige wereld, en de BRT. Met deze wijziging kan een fietsstrook (oranjekleurige strook verharding met een fietssymbool) ook als fietspad worden afgebakend. Fietssuggestiestroken (zonder fietssymbool) vallen buiten de definitie; fietssuggestiestroken hebben geen wettelijke status.

2.12 Definitie bunker

De definitie van ‘bunker’ wordt aangevuld met de volgende zinsnede (vetgedrukt):

Een bunker is een van oorsprong militair verdedigingswerk dat een zekere mate van bescherming biedt tegen beschietingen en bombardementen.

Met de huidige definitie zou verwarring kunnen ontstaan dat alleen de bunkers die in gebruik zijn als militair verdedingswerk mogen worden opgenomen in IMGeo.

2.13 Definities putten

De definities van de volgende subclassificaties worden aangevuld met de volgende zinsneden (vetgedrukt):

brandkraan / -put: Op de drinkwaterleiding aangesloten kraan, of deksel van een put voor het plaatsen van een brandkraan of het aansluiten van een brandslang’, op of nabij de openbare weg, voor brandbestrijding. (bron: CROW)

drainageput: Putdeksel welke toegang geeft naar een poreuze of geperforeerde buisleiding, aangebracht onder de grond om de afwatering van de grond te verbeteren.

gasput: Deksel van een put met afsluitkraan ten behoeve van het ondergrondse leidingenstelsel voor gastransport.

inspectie- / rioolput: Deksel van een constructie die toegang geeft tot een riool.

kolk: Deksel van een ingegraven bak voor de opvang en afvoer van neerslag afkomstig van erop aangesloten oppervlakken. (bron: CROW)

waterleidingput: Deksel van een put met afsluitkraan ten behoeve van het ondergrondse leidingenstelsel voor watertransport.

De huidige definities van deze putten lijken betrekking te hebben op de gehele put terwijl IMGeo in principe alleen het deksel opneemt, niet het onderliggende object. Dit conflicteert met de regels/definities die RIONED hanteert bij deze objecten. De nieuwe definities lossen dit conflict op.

2.14 Samenvallen kruinlijn en objectbegrenzing

In hoofdstuk 10 van de BGT catalogus worden bij de regels voor opname van kruinlijnen bij een wegdeel (10.1.2), ondersteunend wegdeel (10.2.2) en onbegroeid terreindeel (10.4.2) de volgende zinsneden (vetgedrukt) toegevoegd:

“Een van de zijden van het wegdeel valt altijd samen met de kruinlijn, zijnde bovenkant talud. De coördinaten van de kruinlijn zijn identiek met die van de objectbegrenzing ter plaatse.”

2.15 Samenvallen functionele gebieden en objectbegrenzing

In hoofdstuk 2 van de BGT catalogus wordt de volgende zinsnede (vetgedrukt) toegevoegd:

“Macro-objecten zijn geen inhoud van de BGT; in het eigen beheersysteem kan men indien gewenst macro-objecten definiëren, die een clustering van BGT objecten en/of delen van BGT-objecten bevatten. In het optionele deel van IMGeo kunnen deze worden uitgewisseld als Functioneel Gebied.”

2.16 Geen plaatsbepalingspunten bij planinformatie, OngeclassificeerdObject, functionele gebieden, labels en registratieve gebieden

In de BGT catalogus worden de volgende zinsnede (vetgedrukt) toegevoegd:

Elk coördinatenpunt in de BGT bezit een plaatsbepalingspunt. Uitgezonderd van deze regel zijn coördinaten van functionele gebieden en labels van nummeraanduidingreeksen en openbare ruimtenamen.

en in de IMGeo catalogus:

Net als in de BGT worden bij optionele IMGeo objecten de plaatsbepalingspunten opgenomen. Uitgezonderd van deze regel zijn alleen registratieve gebieden en alle geplande objecten.

Ook wordt aan de BGT catalogus in paragraaf 3.12.1 Plaatsbepalingspunt de volgende tekst toegevoegd over plaatsbepalingspunten bij geclassificeerde objecten opgenomen:

Een ongeclassificeerd object bezit impliciet plaatsbepalingspunten, immers het is ontstaan doordat er een vlak 'overblijft' na classificatie van objecten in een gebied in de transitie naar de BGT. "Automatisch" bestaat de begrenzing van het ongeclassificeerde object uit geclassificeerde objecten met pbp's. Deze 'gemeenschappelijke' pbp's behoren ook tot het ingesloten ongeclassificeerde object.

Planinformatie en registratieve gebieden zijn niet in te meten en hebben logischerwijs dus ook geen plaatsbepalingspunten. Voor ongeclassificeerde objecten is niet duidelijk of / hoe deze objecten plaatsbepalingspunten hebben. Dit voorstel neemt deze onduidelijkheden weg. De software in de BGT keten werkt al volgens deze regels.

2.17 Nederlandse tijdzone met zomer/wintertijd

De tekst in paragraaf 4.5.3 van de BGT catalogus wordt als volgt verduidelijkt:

Voor het ontstaan, wijzigen en vervallen van objecten geldt de Nederlandse wettelijke tijd . Daarbij wordt in de winter de wintertijd aangehouden, oftewel Midden-Europese Tijd, en in de zomer de zomertijd, oftewel Midden-Europese Zomertijd. Om dubbele tijdstippen te voorkomen mag in de nacht van zomertijd naar wintertijd (ofwel de nacht van zaterdag op zondag in het laatste weekend van oktober wanneer de klok een uur teruggaat ) geen tijdstip worden toegekend aan (versies van) objecten.

2.18 Interne vs. relatieve precisie

In de tekst in paragraaf 4.2 van de BGT catalogus:

De positionele nauwkeurigheid van een object wordt beschreven op het niveau van het objecttype. Hiermee wordt aan elk object binnen dat objecttype een nauwkeurigheidseis gesteld. De BGT hanteert voor het beschrijven van de positionele nauwkeurigheid de zogenaamde interne precisie, ook bekend onder de naam relatieve precisie.

wordt de term interne precisie geschrapt en vervangen door relatieve precisie

3. Aanscherpen afbakeningsregels met extra criteria

De volgende voorstellen betreffen het aanscherpen van afbakeningsregels met extra criteria.

Onderwerp Samenvatting Github-issue
Schrappen inwinregel voor uitsparingen stedelijk groen < 5m2 De inwinregels dat uitsparingen in wegdelen van stedelijk groen kleiner dan 5 m2 niet in de BGT opgenomen moeten worden, maar wel in IMGeo opgenomen mogen worden geschrapt. #28
Maximale breedte voor berm van 25 meter De breedte van een berm wordt beperkt tot maximaal 25 meter vanaf het Wegdeel. Bredere terreindelen langs een weg worden afgebakend als BegroeidTerreindeel, en niet als OndersteunendWegdeel:berm. #8
Percentages type boom voor naaldbos, loofbos en gemengd bos Het onderscheid tussen naaldbos, loofbos en gemengd bos wordt met minimum percentages aangescherpt: 90% of meer loofboom is loofbos, 90% of meer naaldboom is naaldbos en minder dan 90% naaldboom of loofboom is gemengd bos. #161
De indeling van particuliere terreinen Ten aanzien van de dekking van de BGT wordt toegelicht dat dat alle particulieren terreinen nader ingedeeld moeten worden, waar deze informatie noodzakelijk is voor wettelijk geregelde dienstverlening door bronhouders en gebruikers” #9
Kleinere minimale afmetingen voor oever/slootkant De minimale breedte van een oever wordt verlaagd naar 60 centimeter en de regels voor opname worden uitgebreid met criteria voor hoogte oever van minimaal 50 centimeter en een minimale steilheid van 1:4. #50, #74, #76 
Uitbreiden opslagtank voor gassen en energie De definitie van opslagtank wordt uitgebreid met faciliteiten voor opslag van gassen en energie. #190
Afbakening damwand inclusief deksloof Indien een deksloof aanwezig op de damwand, wordt deze meegenomen in de afbakening van damwand, en niet afzonderlijk afgebakend. #14#30, #69
Schrappen minimale lengte voor hek en muur Voor hek en muur wordt de minimale lengte voor opname van respectievelijk 10 meter en 1 meter geschrapt. De inwinregel voor minimale hoogte blijft onveranderd. #198 
Minimale breedte voor luifel van 1 meter De minimale breedte van een luifel wordt vergroot naar minimaal 1 meter vanaf de gevel. #197
Geleidewerk en remmingswerk inwinnen aan zijde scheepvaart De inwinregel voor remmingswerks en geleidewerk wordt aangescherpt dat deze wordt ingewonnen langs de zijde waar de scheepvaart langs vaart. #38

3.1 Schrappen inwinregel voor uitsparingen stedelijk groen < 5m2

In paragraaf 10.1 Wegdeel van de BGT catalogus wordt de volgende zinsnede geschrapt:

Uitsparingen in wegdelen, meestal van het type voetpad, voor stedelijk groen worden niet afzonderlijk geregistreerd indien <5 m2 . Het wegdeel wordt daarbij geacht door te lopen.

In paragraaf 9.2 Wegdeel en weginrichting van de IMGeo catalogus wordt de volgende zinsnede geschrapt:

In de BGT worden uitsparingen in wegdelen voor stedelijk groen niet apart ingewonnen indien \< 5 m2. In IMGeo kunnen deze worden opgenomen als ‘begroeid terreindeel groenvoorziening’.

Uit analyse van BGT-gegevens blijkt dat bronhouders massaal kleine plantvakken (=kleiner dan 5m2) als begroeidTerreindeel opnemen. Het vasthouden aan deze inwinregel voor kleine plantvakken lijkt dus niet zinvol.

3.2 Maximale breedte voor berm van 25 meter

In paragraaf 10.2 OndersteunendWegdeel van de BGT catalogus wordt de volgende tekst opgenomen:

‘Een terreindeel langs een weg dat niet breder is dan 25 meter gemeten t.o.v. de kant van de weg en met verharding of begroeiing conform de fysieke voorkomens van OndersteunendWegdeel wordt in de BGT opgenomen als berm.’

Met de afbakeningsregel mag een berm ook smaller zijn dan 25 meter. De minimale breedte voor een berm wordt bepaald door de bronhouder (bijv. vanuit groenbeheer of wegbeheer). Een terreindeel langs een wegdeel smaller dan 25 meter wordt dus in principe opgenomen als berm, als de verharding of begroeiing matcht met de fysieke voorkomens van OndersteunendWegdeel. Als er geen berm aanwezig is naast een weg of spoorweg, dan wordt geen berm opgenomen. Bredere terreindelen en terreindelen die niet voldoen aan de fysieke voorkomens van OndersteunendWegdeel (bijv. bos, bouwland of grasland agrarisch) worden als BegroeidTerreindeel of OnbegroeidTerreindeel afgebakend.

3.3 Percentages type boom voor naaldbos, loofbos, gemengd bos

In paragraaf 10.5 BegroeidTerreindeel van de BGT catalogus wordt bij de regels voor opname het volgend toegevoegd:

Om een terreindeel als loofbos af te bakenen dient het minimum percentage loofboom groter dan of gelijk aan 90% te zijn.

Om een terreindeel als naaldbos af te bakenen dient het minimum percentage naaldboom groter dan of gelijk aan 90 % te zijn.

Om een terreindeel als gemengd bos af te bakenen dient het maximum percentage naaldboom of het maximum percentage loofboom kleiner dan 90% te zijn.

Bij deze percentages worden het eventueel aanwezige onderhout en smalle stroken loof- en of naaldbos gelegen naast of als uitloper van het bos buiten beschouwing gelaten.

De percentages zijn gebaseerd op de afbakeningscriteria voor bos in de Basisregistratie Topografie (BRT). Met deze wijziging sluiten BGT en BRT beter op elkaar aan wat bijdraagt aan de geautomatiseerde generalisatie van BRT uit BGT.

3.4 Indeling van particuliere terreinen

Aan de tekst in paragraaf 2.4 Dekking van de BGT catalogus:

“De BGT wordt landsdekkend beheerd voor het grondgebied van Nederland binnen de gemeentegrenzen. Daartoe behoren ook industriële complexen, zoals Schiphol, de Hoogovens en Europoort.”

wordt als verduidelijking toegevoegd:

Dit geldt voor alle particuliere terreinen waar deze informatie noodzakelijk is voor wettelijk geregelde dienstverlening door bronhouders en gebruikers”

Met deze toevoeging dienen ook particuliere en bedrijventerreinen nader ingedeeld te worden voor zover dit nodig is voor de uitvoering van wettelijke taken bijvoorbeeld voor de inzet van hulpdiensten en de dienstverlening door netbeheerders.

3.5 Kleinere minimale afmetingen voor oever/slootkant

De tekst in paragraaf 10.6 OndersteunendWaterdeel in de BGT catalogus:

Als de horizontale afstand tussen waterlijn en de bovenkant van een herkenbare insteek 1m of meer bedraagt dan ontstaat in de BGT een ondersteunend waterdeel van het type oever/slootkant.

wordt vervangen door

Als tussen waterlijn en de bovenkant van een herkenbare insteek de verticale afstand (ofwel: hoogte oever) minimaal 50 centimeter is, de steilheid (H/Br) 1:4 of meer bedraagt, en de horizontale afstand (ofwel: breedte oever) 60 centimeter of meer bedraagt, dan ontstaat in de BGT een ondersteunend waterdeel van het type oever/slootkant.

Met deze nieuwe afbakeningsregels sluit de BGT beter aan op de behoeften voor beheer openbare ruimte van waterschappen. De aanvullende eisen worden nader toegelicht in een technische afbeelding en een beslisboom.

3.6 Uitbreiden opslagtank voor gassen en energie

In paragraaf 9.11 TypeOverigBouwwerk wordt de definitie van opslagtank verruimd met de volgende zinsnede:

opslagtank: Opslagfaciliteit voor vloeistoffen of gassen of energie. Alleen bovengrondse opslagtanks worden opgenomen.

Hiermee kan opslagtank ook worden toegepast voor opslagtanken voor gas of energie, zoals bijvoorbeeld een buurtbatterij.

3.7 Afbakening damwand inclusief deksloof

In paragraaf 10.12 Scheiding van de BGT catalogus wordt de volgende zinsnede toegevoegd:

Indien een deksloof aanwezig op de damwand, wordt deze meegenomen in de afbakening van damwand, en niet afzonderlijk afgebakend.

3.8 Schrappen minimale lengte voor hek en muur

In paragraaf 10.12 Scheiding van de BGT catalogus wordt de tekst:

“Scheidingen worden als lijnobject vastgelegd als de breedte kleiner is dan 30cm. Bij scheidingen breder dan 30cm moet de buitenomtrek waar het object de grond raakt worden ingewonnen en vastgelegd als vlakgeometrie. Een scheiding wordt vastgelegd waar het object de ondergrond raakt. In de scheidingen worden onderbrekingen van < 1m genegeerd. Doorgangen worden gezien als integraal onderdeel van de scheiding. Scheidingen van het type hek die een minimale lengte van 10m en een minimale hoogte van 1m hebben, worden vastgelegd. Scheidingen van de typen kademuur en walbescherming worden opgenomen aan de bovenzijde aan de waterkant. Kademuren breder dan 30cm worden ingewonnen als vlakobject; de omtrek van het object aan de bovenzijde wordt dan vastgelegd. Scheidingen van het type muur, met een minimale lengte van 1m en met een minimale breedte van 30cm worden opgenomen. Een muur smaller dan 30cm wordt als lijnobject vastgelegd, een bredere muur als vlakobject. Muren met een minimale hoogte van 50cm worden vastgelegd. In terreinen met een fysiek voorkomen ‘erf’ worden alleen die scheidingen opgenomen die direct aan de straatzijde zijn gelegen.”

vervangen door:

Scheidingen worden als lijnobject vastgelegd als de breedte kleiner is dan 30cm. Bij scheidingen breder dan 30cm moet de buitenomtrek waar het object de grond raakt worden ingewonnen en vastgelegd als vlakgeometrie.

Een scheiding wordt vastgelegd waar het object de ondergrond raakt. In de scheidingen worden onderbrekingen van <1m genegeerd. Doorgangen worden gezien als integraal onderdeel van de scheiding.

Scheidingen van het type hek die een minimale hoogte van 1m hebben, worden vastgelegd.

Scheidingen van de typen kademuur en walbescherming worden opgenomen aan de bovenzijde aan de waterkant. Kademuren die als vlakobject worden ingewonnen wordt de omtrek van het object aan de bovenzijde vastgelegd.

Muren met een minimale hoogte van 50cm worden vastgelegd.

In terreinen met een fysiek voorkomen ‘erf’ worden alleen die scheidingen opgenomen die direct aan de straatzijde zijn gelegen.

In paragraaf 9.11 van de IMGeo catalogus wordt de tekst:

“In de BGT worden scheidingen alleen vastgelegd als ze bepaalde minimum afmetingen hebben, die per type scheiding verschillen (zie deel I). In IMGeo kunnen scheidingen, die kleiner dan het BGT minimum zijn, worden opgenomen als objecttype ‘overige scheiding’. Deze kent dezelfde typen scheiding.”

“Scheidingen worden als lijnobject vastgelegd als de breedte kleiner is dan 30cm. Bij scheidingen breder dan 30cm moet de buitenomtrek waar het object de grond raakt worden ingewonnen en vastgelegd als vlakgeometrie.

Een scheiding wordt vastgelegd waar het object de ondergrond raakt. In de scheidingen worden onderbrekingen van <1m genegeerd. Doorgangen worden gezien als integraal onderdeel van de scheiding.

Scheidingen van het type hek die een minimale hoogte van 1m hebben, worden vastgelegd.

Scheidingen van de typen kademuur en walbescherming worden opgenomen aan de bovenzijde aan de waterkant. Kademuren die als vlakobject worden ingewonnen wordt de omtrek van het object aan de bovenzijde vastgelegd.

Muren met een minimale hoogte van 50cm worden vastgelegd.

In terreinen met een fysiek voorkomen ‘erf’ worden alleen die scheidingen opgenomen die direct aan de straatzijde zijn gelegen.

vervangen door:

In de BGT worden scheidingen van het type hek en muur alleen vastgelegd als ze bepaalde minimum afmeting hebben, die per type scheiding verschillen (zie deel I). In IMGeo kunnen scheidingen van het type hek en muur, die kleiner dan het BGT minimum zijn, worden opgenomen als objecttype ‘overige scheiding’. De populatie van Overige Scheiding bestaat uit: · Scheidingen van type hek en muur die niet voldoen aan de BGT minimummaat; · scheidingen in terrein met fysiek voorkomen ‘erf’ die niet aan de straatzijde gelegen zijn.

Uit analyse van de BGT-gegevens lijkt dat bronhouders massaal de regels voor opname in de BGT catalogus en IMGeo catalogus niet opvolgen t.a.v de minimale afmetingen voor de lengte van type ‘hek’ en ‘muur’ voor Scheiding en OverigeScheiding. De minimale afmetingen voor lengte van hek en muur worden daarom geschrapt.

Onderscheid tussen twee objecten Scheiding en OverigScheiding blijft wel nodig voor bijvoorbeeld het opnemen van draadraster en faunaraster en scheidingen tussen percelen. Om die reden kan OverigeScheiding als objecttype niet geschrapt worden.

Het voorstel voor aanscherpen afbakeningsregels komt dan neer op dat:

  1. Een hek hoger dan 1 meter is een BGT Scheiding; een hek lager dan 1 meter is een IMGeo OverigeScheiding.

  2. Een muur hoger dan 50cm is een BGT Scheiding; een muur lager dan 50cm is een IMGeo OverigeScheiding

  3. Elke kademuur, damwand, geluidscherm, walbescherming wordt voor de BGT ingewonnen als Scheiding onafhankelijk van lengte, hoogte of breedte. Deze objecten kunnen dus niet voorkomen als OverigeScheiding o.b.v. bovenstaande criteria.

  4. Alleen muur en hek kunnen voorkomen als typen van OverigeScheiding als niet aan de minimale hoogte voor Scheiding wordt voldaan.

  5. Elke (overige) scheiding met breedte meer dan 30 cm heeft vlakgeometrie; elke (overige) scheiding met een breedte kleiner dan 30 cm heeft lijngeometrie.

  6. Een hek of muur tussen perceel en openbare ruimte wordt als BGT Scheiding opgenomen indien aan de minimale afmetingen wordt voldaan voor de hoogte, dus minimaal 1 meter hoog voor hek en minimaal 50 cm hoog voor muur.

  7. Scheidingen tussen percelen worden altijd als IMGeo OverigeScheiding opgenomen.

Onderscheid tussen twee objecten Scheiding en OverigScheiding blijft wel nodig voor bijvoorbeeld het opnemen van draadraster en faunaraster en scheidingen tussen percelen. Om die reden kan OverigeScheiding als objecttype niet geschrapt worden.

3.9 Minimale breedte voor luifel van 1 meter

In paragraaf 9.7 Pand en gebouwinstallatie van de IMGeo catalogus wordt de tekst:

Uitstulpingen in gevels van panden zijn alleen BGT inhoud als ze groter zijn dan 30 cm. Kleinere uitstulpingen, kunnen, indien ze aan de definitie van het objecttype Gebouwinstallatie voldoen, in IMGeo worden opgenomen. Gebouwinstallaties zijn aan het pand verbonden toegangstrappen, luifels en bordessen. Overige uitstulpingen kleiner dan 30 cm worden niet in IMGeo opgenomen.

vervangen door:

Gebouwinstallaties zijn aan het pand verbonden toegangstrappen, luifels en bordessen. Luifels worden opgenomen indien ze breder zijn dan 1 m vanaf de gevel.

3.10 Geleidewerk en remmingswerk inwinnen aan zijde scheepvaart

In paragraaf 9.6 Waterdeel en waterinrichtingselement wordt tekst uitgebreid met de volgende zinsnede:

Van remmingswerk, geleidewerk en vuilvang wordt de lijngeometrie opgenomen waarbij voor remmingswerk en geleidewerk geldt dat deze worden ingewonnen aan die zijde waar de scheepvaart langs vaart.

4. Uitbreiden van het model met subclassificaties

4.1 Nieuwe subclassificaties

Objecttype: codelijst domeinwaarde definitie subtype van Geometrie
Wegdeel: functiePlus trailerhelling Een trailerhelling (ook wel slipway genoemd) is een helling aan het water waardoor schepen en boten in en uit het water kunnen worden gelaten. rijbaan lokale weg Vlak #18
Wegdeel: fysiekvoorkomenPlus metaal Gesloten verharding bestaande uit materiaal van metaal. gesloten verharding Vlak #117#194 
kunststof Synthetisch vervaardigd materiaal dat als verharding dient zoals kunstgras of kunststof toplagen. gesloten verharding Vlak #117, #194
hout Open verharding bestaande uit bijvoorbeeld planken of balken van hout. open verharding Vlak #117, #194
gras- en kruidachtigen Onverhard met vegetatie bestaande uit grassen en/of grasachtigen. onverhard Vlak #194
OndersteunendWegdeel: functiePlus vluchtheuvel Verkeerseiland dat is uitgevoerd als verhoging. verkeerseiland Vlak #194
verkeersdruppel Verkeerseiland dat is uitgevoerd als wegmarkering. verkeerseiland Vlak #194
OnbegroeidTerreindeel: fysiekVoorkomenPlus natuursteen  Groenvak in de openbare ruimte met beplanting, zijnde haag. open verharding Vlak #194
basalt verharding van blokken bestaande uit zwart vulkanisch gesteente (basalt). open verharding Vlak #194
Begroeidterreindeel: fysiekvoorkomenPlus haagvak Groenvak in de openbare ruimte met beplanting, zijnde haag. groenvoorziening Vlak #173, #194
OverigBouwwerk: typePlus sleufsilo Opslagfaciliteit bestaande uit een betonnen vloer met betonnen zijwanden. - Vlak #194
parkeergarage Een bouwwerk waar automobilisten (meestal) overdekt hun auto`s kunnen parkeren. - Vlak #194
strandtent Een demontabel bouwwerk op het strand. - Vlak #194
tribune Oplopende rij zitplaatsen voor het publiek. - Vlak #194
dugout  Overdekte ruimte aan de zijkant van een sportveld waar de trainer, (reserve)spelers en verzorgers kunnen zitten tijdens een wedstrijd. - Vlak #194
infiltratiereservoir Een reservoir met waterdoorlatende wanden voor de tijdelijke berging van hemelwater, waarbij het hemelwater door middel van infiltratie door de wanden kan worden afgevoerd. - Vlak #194
woonboot Een voor bewoning bestemde boot dat is geplaatst op een ligplaats, en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst.
woonwagen Een voor bewoning bestemd bouwwerk dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst.
Kunstwerkdeel: typePlus hellingbaan Constructiedeel, bestaande uit een beloopbare en berijdbare helling inclusief de bijbehorende bordessen, voor het overbruggen van hoogteverschillen vlak. - Vlak #194
vlonder Smalle houten brug voor voetgangers of fietsers, of een kleine (aanleg)steiger voor bijvoorbeeld pleziervaart en sportvisserij. - Vlak #194
FunctioneelGebied: typePlus gemaalcomplex Gebied of complex met alle bij een gemaal behorende gronden, inrichtingen en bouwwerken. - Multivlak #194
sluiscomplex Gebied of complex met alle bij een sluis behorende gronden, inrichtingen en bouwwerken. - Multivlak #194
stuwcomplex Gebied of complex met alle bij een stuw behorende gronden, inrichtingen en bouwwerken. - Multivlak #194
zuiveringscomplex Gebied of complex met alle bij een waterzuiveringsinstallatie behorende gronden, inrichtingen en bouwwerken. - Multivlak #194
waterwingebied:  Gebied waar waterwinning plaatsvindt ten behoeve van drinkwater door onttrekking van grondwater. - Multivlak #194
stiltegebied Gebied is een milieubeschermingsgebied waarin de geluiden van flora en fauna overheersen. - Multivlak #194
valondergrond Oppervlak, waarop de gebruiker terecht komt, na vallen door de valruimte. De opvangzone is het gebied rondom een speeltoestel waar bodemmateriaal met schokdempende eigenschappen moet liggen. De vereiste afmetingen van de opvangzone zijn afhankelijk van de vrije valhoogte van het speeltoestel. - Multivlak #194
verkeersaansluiting Ongelijkvloers kruispunt van een nationale stroomweg en een niet-nationale stroomweg (bijvoorbeeld een halfklaverbladaansluiting) of tussen twee regionale stroomwegen onderling, of tussen een regionale en een gebiedsontsluitingsweg. - Multivlak #194
verkeersknooppunt Ongelijkvloers kruispunt van (regionale) stroomwegen, bijvoorbeeld vormgegeven als klaverblad-, ster- of turbineknooppunt.  - Multivlak #194
verkeerskruispunt Ontmoeting van wegen waar het verkeer van weg mag wisselen. Dit geldt zowel voor het gemotoriseerd verkeer als voor het langzaam verkeer. Voorbeelden zijn: een gelijkwaardig kruispunt, een voorrangskruispunt, een geregeld ruispunt en een (turbo)rotonde. - Multivlak #194
verkeerszone Verkeerskundige afbakening van een gebied. - Multivlak #194
opstelpunt open water Een plaats waar een brandweervoertuig opgesteld kan worden om open water te tappen. - Multivlak #194
snellaadstation Infrastructuurelement, doorgaans langs autosnelwegen, dat in elektrische energie voorziet om elektrische plug-invoertuigen op te laden in een relatief korte tijd. - Multivlak #194
Bord: typePlus pictogram Symbool of afbeelding dat de plaats inneemt van een tekst, het gebruik ervan wordt daarom ook beeldtaal genoemd. - Punt #194
klok Een object waarop de tijd kan worden afgelezen. - Punt #194
dynamisch informatiepaneel Elektronisch paneel dat, afhankelijk van de (verkeers)situatie, een aanwijzing kan geven aan de weggebruiker, meestal om hem te helpen de meest optimale route naar de bestemming te kiezen. - Punt #194
beregeningsinstallatie Installatie voor het toevoeren van water in plaats van of in aanvulling op de natuurlijke regenval. - Punt #194
energieaansluiting Installatie ten behoeve van de regeling van het transport van elektriciteit, water of gas tijdens evenementen, voor markten of andere doeleinden. - Punt #194
tunnelventilatie Installatie om uitlaatgassen te verdrijven. Tunnelventilatie kan geschieden door de algemene luchtstroom in tunnelbuizen of met mechanische ventilatie. - Punt #194
lift Installatie voor verticaal transport van personen of goederen - Punt #194
Kast: typePlus centrale verdeelkast Een verdeelinrichting, verdeelkast of groepenkast is de plek van waaruit de elektrische energie beveiligd en verdeeld wordt over de elektrische installatie in een gebouw. - Punt #194
beregeningskast Een regel- en voedingskast voor het bedienen van de beregeningsinstallatie. - Punt #194
PLC-kast en kast met daarin een PLC (Programmable Logic Controler) voor het aansturen van o.a. kunstwerken (gemalen, stuwen, afsluitmiddelen etc.). - Punt #194
pompkast Een kast met daarin een installatie bedoeld om water van een laag peil naar een hoog peil te brengen. - Punt #194
Mast: typePlus Uitkijktoren Hoge en smalle constructie voor het observeren van de omgeving (wild, bosbrand, verdrinkingsgevaar zwemmers e.d.). - Punt #194
Paal: typePlus strandpaal Paal op het strand of in de duinen, geplaatst als hulpmiddel bij het uitvoeren van metingen. - Punt #194
reflectorpaal Paal langs de weg, met name in bochten, waarop een reflecterende plaat gemonteerd is met daarop een geleiding die vroegtijdig informatie verstrekt over het volgende weggedeelte. - Punt #194
sensorpaal Paal uitgerust met een sensor - Punt #194
voorzieningenpaal Paal voorzien van een briefkast en aansluitingen voor elektra, telefoon en water. - Punt #194
hoogtebegrenzer Een hoogtebegrenzer zorgt ervoor dat te hoge en/of te zware voertuigen niet verder rijden waar de toegang voor hen niet gewenst is. - Punt #194
vlaggenmast Paal waaraan een vlag bevestigd kan worden. - Punt #194
Put: typePlus beerput:  Deksel van een put, bestemd voor het tijdelijk opslaan van vuilwater en voor een gedeeltelijke biologische afbraak van het vuilwater. - Punt #194
fauna-inspectieput Deksel van een put op ondergrondse faunavoorziening met als doel inspectie van de voorziening mogeljk te maken. - Punt #194
Straatmeubilair: typePlus scootmobielberging Open bergplaats voor één of meerdere scootmobielen. - Punt #194
pergola Constructie ter ondersteuning van de groei van planten.  - Punt #194
informatiezuil Zuil waarop informatie geraadpleegd kan worden. - Punt #194
aanrijbeschermer Object met als functie het doorrijden van een voertuig te voorkomen om een object (bijvoorbeeld een boom) te beschermen tegen schade. Veelal is het een constructie van een gebogen metalen buis, andere vormen en materialen zijn ook mogelijk (bijvoorbeeld biggenrug) - Punt #194
hulp- en waarschuwingsverlichting Kunstmatige lichtbron, dat door zijn kleur en toestand een status aangeeft of een commando aanduidt. Veelal toegepast voor het waarschuwen of reguleren van verkeer. - Punt #194
watertappunt Een voorziening in de openbare ruimte, waaruit continu of op aanvraag (drukknop) leidingwater uit komt. - Punt #194
stapsteen Steen van natuursteen of beton, die door de specifieke plaatsing van de stenen op stapafstand van elkaar de functie heeft om mensen te stimuleren de route van de stapstenen te lopen. - Punt #194
luidspreker Een luidspreker is een apparaat waarmee elektrische signalen worden omgezet in geluid. - Punt #194
oplaadvoorziening elektrische voertuigen  Infrastructuurelement dat in elektrische energie voorziet om elektrische plug-invoertuigen op te laden. - Punt #194
laadbrug Installatie-element met als doel schepen te laden en lossen. - Punt #194
klimijzer Ingestorte stalen of aluminium staven in een beton- of baksteenconstructie die gebruikt worden als ladderconstructie. - Punt #194
AED Apparaat om te reanimeren, zijnde een Automatische externe defibrillator (AED).  - Punt #194
verbandtrommel Doos of koffer met daarin materialen voor de eerste hulp bij ongelukken (EHBO). - Punt #194
verkeersspiegel Een verkeersspiegel is een bolle spiegel die gebruikt wordt om onoverzichtelijk verkeerssituaties te verduidelijken. - Punt #194
dispenser Een voorziening voor het verstrekken van bepaalde hulpmiddelen (bijvoorbeeld hondenpoepzakjes). - Punt #194
blok Blokvormig element, meestal van beton of steen, bedoeld om een openbare ruimte te verfraaien, achterliggende gebieden te beschermen of te dienen als zit- of speelelement. - Punt #194
stormanker Een voorziening aangebracht in de verharding voor het vastzetten en beveiligen van objecten (bijvoorbeeld marktkramen) tegen harde wind. - Punt #194
faunaverblijfplaats Blokvormig element, meestal van beton of steen, bedoeld om een openbare ruimte te verfraaien, achterliggende gebieden te beschermen of te dienen als zit- of speelelement. - Punt #194
Waterinrichtingselement: typePlus navigatielicht Lichtsein t.b.v. de navigatie voor scheepvaart - Punt #194
seinlicht Kunstmatige lichtbron waarmee de doorvaart van kunstwerken wordt gereguleerd. - Punt #194
lichtbaken Waarschuwingsteken in vaarwater dat van een licht voorzien is. - Punt #194
mistbaken Waarschuwingsteken in vaarwater door middel van een luchthoorn, die bij slecht zicht, met regelmatige tussenpozen een geluidssein geeft. - Punt #194
drijvende oever Drijvende constructie met beplanting langs oevers waar geen natuurlijke oever mogelijk is (stenen of stalen wanden). - Punt of Lijn #194
watertrap Trapvormige constructie in een waterloop, bedoeld als sierelement om het water over naar beneden te laten stromen. - Punt #194
Weginrichtingselement: typePlus  band Element dat de scheiding verzorgt tussen een rijbaan en het meestal hoger gelegen object. Maakt deel uit van een wegconstructie en voorkomt dat water en vuil van de weg in de bermen, tuinen, of huizen terechtkomt. Voorkomt tevens dat motorvoertuigen op het hoger gelegen object rijden. - Lijn #194
actieve wegmarkering In of op het wegdek aangebrachte lichtelementen die voor de weggebruiker bij duisternis het verloop van de weg zichtbaar maken, ook buiten het bereik van koplampen. / Actieve wegmarkering is een vorm van verkeersgeleiding in en langs wegen op plaatsen waar geen of onvoldoende straatverlichting is. - Punt of Lijn of Vlak #194
obstakelbeveiliger Bermbeveiligingsconstructie ter afscherming van een obstakel, die botsingsenergie kan absorberen en daardoor bij aanrijding voertuigen met zo weinig mogelijk schade van richting doet veranderen of tot stilstand brengt. - Punt of Lijn of Vlak #194
blindegeleidestrook Een speciaal aangelegde baan plaveisel met een afwijkende structuur die er toe dient om blinden en slechtzienden te helpen de juiste weg te volgen doordat zij zich hiermee kunnen oriënteren. - Lijn #194
rammelstrook Een verkeersmaatregel bestaande uit een strook met ribbels op de weg.  - Lijn #194
rabatstrook Een kantstrook, van ander materiaal en/of in een afstekende kleur, langs het verharde wegdek. - Vlak #194
Vegetatieobject: typePlus solitaire plant  Plant, heester of siergras, te beheren als solitair beplantingselement. - Punt #194

4.2 Bestaande subclassificaties ‘als subtype van’ classificatie

Objecttype: codelijst domeinwaarde definitie als subtype van
Wegdeel: functiePlus verkeersdrempel Verhoging in een wegdeel, bedoeld om het verkeer met een lagere snelheid te laten rijden. rijbaan autoweg
Wegdeel: functiePlus verkeersdrempel Verhoging in een wegdeel, bedoeld om het verkeer met een lagere snelheid te laten rijden. rijbaan autosnelweg
Wegdeel: functiePlus verkeersdrempel Verhoging in een wegdeel, bedoeld om het verkeer met een lagere snelheid te laten rijden. fietspad

N.B. Definitie verkeersdrempel wijzigt.

5. Herindelen van subclassificaties en geometrietypen van objecten

De volgende voorstellen betreffen het hernoemen, herindelen of schrappen van domeinwaarden in IMGeo, en/of herindelen van geometrietypen binnen de huidige structuur van IMGeo.

5.1 Hernoemen en samenvoegen van subclassificaties

De volgende domeinwaarden worden hernoemd, en in sommige gevallen wordt de definitie hierop aangepast.

Objecttype: codelijst IMGeo 2.1.1 (WAS) IMGeo 2.2 (WORDT) Github-issue(s)
Wegdeel, OndersteunendWegdeel, BegroeidTerreindeel: fysiekVoorkomenPlus boomschors Onverhard met als deklaag boomschors boomschors/ houtsnippers Onverhard met als deklaag boomschors of houtsnippers. #70
OnbegroeidTerreindeel: fysiekVoorkomen zand Een vlak, onbegroeid gebied waarvan de bodem uit zand bestaat. zandvlakte idem IMGeo 2.1.1 #113
Wegdeel, OndersteunendWegdeel, OnbegroeidTerreindeel: fysiekVoorkomenPlus puin Puin is afvalmateriaal dat bestaat uit losse brokstukken, grotendeels bestaande uit stenen en beton, van gesloopte of ingestorte gebouwen, viaducten, bruggen en andere objecten. (bron: Wikipedia) steenbestorting Open verharding bestaande uit onregelmatige stukken steen of beton. (bron: BGT) #194
Kunstwerkdeel: type sluis Een kunstmatige beweegbare waterkering die de verbinding tussen twee wateren kan afsluiten of openstellen en daartoe van deuren of schuiven is voorzien. sluisdeur idem IMGeo 2.1.1 #72
Functioneelgebied: typePlus bushalte Halteplaats voor bussen van het openbaar vervoer. halteplaats Halteplaats van het openbaar vervoer. #194
Paal: typePlus praatpaal Stalen of kunststof paal langs verkeerswegen welke bedoeld is telefonisch contact te leggen met een centrale meldkamer (ANWB). meldpaal #194
Straatmeubilair: typePlus speelvoorziening Aard en nagelvast met de grond verbonden constructie in de openbare ruimte, bedoeld als speelmateriaal voor kinderen. speel-/sportvoorziening Aard en nagelvast met de grond verbonden constructie in de openbare ruimte, bedoeld als speelmateriaal voor kinderen of voor het beoefenen van een sport.' #194
fietsenrek Een duurzaam verankerd rek in de openbare ruimte voor het stallen van fietsen. fietsparkeervoorziening Een duurzaam verankerde voorziening in de openbare ruimte voor het parkeren en stallen van fietsen. #194
fietsenkluis Een fietskluis is een kluis om een fiets in te bewaren, meestal ter voorkoming van diefstal of beschadiging. fietsparkeervoorziening Een duurzaam verankerde voorziening in de openbare ruimte voor het parkeren en stallen van fietsen. #194
Waterinrichtingselement: typePlus meerpaal Paal voor een kade of in een haven waaraan een schip kan worden afgemeerd. meerpaal/-stoel Paal of samenstel van palen voor een kade of in een haven waaraan een schip kan worden afgemeerd. #39

Toelichting:

Het hernoemen van domeinwaarden wordt gedaan om beter te kunnen aansluiten bij de behoeften voor opname en afbakening voor o.a. beheer openbare ruimte, alsook voor de goede aansluiting van IMBOR op IMGeo.

5.2 Verplaatsen van subclassificaties naar een ander object of attribuut.

De volgende domeinwaarden worden heringedeeld naar een ander objecttype en/of attribuut.

IMGeo 2.1.1 (WAS): Objecttype bgt plus IMGeo 2.2 (WORDT): Objecttype bgt plus Github-issue(s)
Wegdeel: functie voetgangersgebied - FunctioneelGebied: type niet-bgt voetgangersgebied #167
Wegdeel: functie woonerf - FunctioneelGebied: type niet-bgt woonerf #167
Weginrichtingselement: typePlus niet-bgt boomspiegel BegroeidTerreindeel: fysiekVoorkomen groenvoorziening boomspiegel #198
Kunstwerkdeel: type niet-bgt keermuur Kunstwerkdeel: type keermuur -
Kunstwerkdeel: type niet-bgt faunavoorziening Kunstwerkdeel: type faunavoorziening -
Kunstwerkdeel: type niet-bgt vispassage Kunstwerkdeel: type faunavoorziening vispassage #194
OverigBouwwerk: type niet-bgt bunker OverigBouwwerk: type bunker - #96#118
GebouwInstallatie: type niet-bgt bordes GebouwInstallatie: type bordes - #96#118, #174
Weginrichtingselement: type niet-bgt wildrooster Weginrichtingselement: type wildrooster - #96#118
Weginrichtingselement: type niet-bgt rooster Weginrichtingselement: type rooster - #96#118
OverigeScheiding niet-bgt geluidscherm Scheiding geluidscherm #198 
OverigeScheiding niet-bgt kademuur Scheiding kademuur #198 
OverigeScheiding niet-bgt damwand Scheiding damwand #198 
OverigeScheiding niet-bgt walbescherming Scheiding walbescherming #198 

Toelichting:

5.3 Schrappen van subclassificaties

De volgende domeinwaarde wordt geschrapt in IMGeo:

IMGeo 2.1.1 (WAS): Objecttype Codelijst waarde definitie Github-issue(s)
Alle objecttypen statusPlus historie Situatie waarin het geregistreerde object fysiek niet meer bestaat. #2

Toelichting:

5.4 Aanpassen geometrietypen binnen huidige structuur

De volgende geometrietypen worden aangepast binnen de huidige structuur van IMGeo, d.w.z. dat deze geometrietypen technisch al zijn toegestaan bij de objecttypen maar deze combinatie van geometrietype en domeinwaarde nu functioneel worden uitgesloten in de BGT|IMGeo catalogi.

Objecttype: codelijst IMGeo 2.1.1 (WAS) IMGeo 2.2 (WORDT) Github-issue(s)
Kunstwerkdeel: type sluis Een kunstmatige beweegbare waterkering die de verbinding tussen twee wateren kan afsluiten of openstellen en daartoe van deuren of schuiven is voorzien. Vlak sluisdeur idem IMGeo 2.1.1 Lijn of Vlak #72
Kunstwerkdeel: type gemaal Een kunstwerk in principe bedoeld om water van een laag peil naar een hoog peil te brengen. Vlak gemaal De delen van een kunstwerk in principe bedoeld om water van een laag peil naar een hoog peil te brengen. MultiVlak #37, #72
Kunstwerkdeel: type stuw Een constructie met een vaste drempel of een beweegbare klep, die dient om de waterstand boven- en benedenstrooms te regelen. Lijn of Vlak stuw De delen van constructie met een vaste drempel of een beweegbare klep, die dient om de waterstand boven- en benedenstrooms te regelen; inclusief de eventueel aanwezige bakken waar het water door wordt geleid. Lijn of Multivlak #37, #72
Kunstwerkdeel: typePlus duiker Kunstwerk voor de waterhuishouding bestaande uit een kokervormige constructie aangebracht onder een weg of spoorweg of in een dam. Lijn of Vlak duiker De delen van een Kunstwerk voor de waterhuishouding, bestaande uit een kokervormige constructie aangebracht onder een weg of spoorweg of in een dam. Lijn of Multivlak #37, #72

Toelichting:

6. Niet opgelost

De volgende verbetersuggesties worden niet opgelost/doorgevoerd in de BGT|IMGEo standaarden:

Issue Samenvatting Reden niet opgelost
#49 Onderscheiden molgoot bij wegdeel (4938) Voor beheer mag molgoot apart afgebakend worden als apart wegdeel geleverd worden. Als zodanig niet herkenbaar in LV-BGT. Molgoten zijn lijnobjecten met vaste breedte afhankelijk van gootelement.
#51 Opdeling van objecten o.b.v. van talud verplaatsen van IMBGT naar optionele IMGEO model (4928) Betreft afspraak in bijhouding, en geen verbetersuggestie voor het model.
#64 Toevoegen classificatie 'loopplank' aan Overbruggingsdeel in IMGeo+ (4905) Loopplank is niet permanent aanwezig / zodanig duurzaam aangelegd dat het in IMGeo opgenomen wordt.
#66 Toevoegen classificatie 'wand' aan TypeScheiding (4907) Bassin bestaat uit watervlak + wanden. Dus wand opnemen lijkt niet zinvol; dit is beheer (vergelijkbaar met wanddikte voedersilo, panden etc.)
#131 Uitbreiding van BGT Begroeid terreindeel met 1:graft en 2:steilwand (4387) Bedoeling in IMGeo is dat taluds van kunstmatige hellingen worden opgenomen. Terpen zijn in ieder geval kunstmatig opgeworpen. Het fysiek-voorkomen van graft of steilwand kan men al kwijt in IMGeo. De oppervlakte van een graft of steilwand is door de helling groter dan in IMGeo geometrisch kan worden vastgelegd. Extra classificatie graft of steilwand lost dit niet op. Oplossen in eigen beheeromgeving, (3D of combinatie met AHN). Ofwel: de wens van het toevoegen van graft en steilwand in IMGeo wordt niet gehonoreerd, om reden van oppervlakte.

Overige openstaande verbetersuggesties worden in een volgende ronde voor een nieuwe versie van IMGeo behandeld. Een actueel overzicht van de openstaande meldingen op de BGT|IMGeo standaarden staat op de Github van IMGeo. <https: github.com="" geonovum="" imgeo2018="" issues="">